Skip to content

Detailomschrijving feedbackmoment: Coaching

Korte uitleg

Coaching is het feedbackmoment waarin de student gericht stilstaat bij voortgang, leerdoelen, planning, aanpak en professionele ontwikkeling binnen de sprint. Het moment helpt om studenten expliciet te laten maken waar zij staan, wat zij willen verbeteren en welke acties daarvoor nodig zijn.

Coaching heeft een ontwikkelingsgerichte functie. Het gaat om het begeleiden van het leerproces, het zichtbaar maken van keuzes en voortgang, en het ondersteunen van eigenaarschap bij de student. De vorm kan verschillen per sprint, klas, project of student.

Niet iedere coachingssessie hoeft te leiden tot vastgelegde feedback in Portflow. Wel wordt per sprint minimaal één feedbackmoment binnen Coaching vastgelegd, zodat er over tijd voldoende datapunten ontstaan voor het programmatisch toetsen-portfolio.

Wat komt aan bod

Binnen Coaching staan vragen centraal zoals:

  • Waar werkt de student op dit moment aan?
  • Wat gaat goed en wat vraagt nog aandacht?
  • Welke leerdoelen of actiepunten zijn relevant voor deze sprint?
  • In hoeverre is de student in staat om feedback op te halen, te benutten en om te zetten in concrete vervolgstappen?
  • Hoe plant en monitort de student het eigen leerproces?

Coaching kan zowel individueel als in teamverband plaatsvinden. Afhankelijk van de context kan het gaan om een kort voortgangsgesprek, een coachgesprek op basis van artefacten, een pitch, een afstemming met de product owner of opdrachtgever, of een bespreking van leerdoelen en aanpak.

Mogelijke artefacten

Mogelijke artefacten of input voor Coaching zijn:

  • Persoonlijke leerdoelen of een learning story.
  • Een planning, dagplanning of plan van aanpak.
  • Een coaching- of voortgangsverslag.
  • Zelfevaluatie of voorbereide reflectie.
  • Actiepunten uit een eerdere retrospective.
  • Taalcheck, timesheet of logboek.
  • Screenshots, opnames of tussenproducten die voortgang zichtbaar maken.
  • Een pitch of voorbereiding op afstemming met product owner of opdrachtgever.
  • Bewijs van opgehaalde en verwerkte feedback.

Niet elk artefact hoeft in elke sprint aanwezig te zijn. De keuze voor artefacten hangt samen met het onderwijs in die sprint en met wat de student nodig heeft om ontwikkeling zichtbaar te maken.

Leeruitkomsten en succescriteria

Binnen Coaching ligt de nadruk vooral op leeruitkomsten en succescriteria die te maken hebben met persoonlijk leiderschap en het sturen van het eigen leerproces. Afhankelijk van de sprint kan Coaching onder meer raken aan:

  • Studie plannen en monitoren.
  • Voortgang documenteren.
  • Leerdoelen formuleren.
  • Proactieve rol in het leerproces nemen.
  • Reflecteren op handelen.
  • Communiceren over leren.
  • Verantwoordelijkheid nemen.
  • Afspraken nakomen.
  • Zelfmotivatie opbouwen en doorzetten.
  • Feedback ontvangen en verwerken.
  • GenAI verantwoordelijk inzetten en op eigen inzet reflecteren.

In latere sprints kan Coaching ook raken aan het afbakenen van problemen, het omgaan met stakeholders en het vertalen van feedback naar product- of procesverbetering, bijvoorbeeld wanneer studenten hun aanpak of richting bespreken met een product owner of opdrachtgever.

Praktische werkvormen

Passende werkvormen voor Coaching zijn bijvoorbeeld:

  • Individuele coachgesprekken.
  • Teamcoaching.
  • Sprintstart of coachmoment aan het begin van een sprint.
  • Gesprek met product owner of opdrachtgever.
  • Bespreken van leerdoelen en actiepunten.
  • Korte pitch over voortgang, keuzes of voorgenomen aanpak.
  • Bespreken van een zelfevaluatie of learning story.
  • Coaching op basis van eerder ontvangen feedback.
  • Bespreken van de inzet van hulpmiddelen zoals AI-tools.

De werkvorm hoeft niet elke sprint hetzelfde te zijn. Juist variatie kan helpen om coaching aan te laten sluiten op het type project, de fase van het semester en de ontwikkelbehoefte van de student.

Aandachtspunten voor uitvoering

Voor de uitvoering van Coaching is het belangrijk dat het gesprek of de werkvorm studenten helpt om ontwikkeling zichtbaar te maken. Dat vraagt om doelgerichte vragen, ruimte voor reflectie en heldere vervolgafspraken.

Daarnaast is het belangrijk om onderscheid te maken tussen coachen en registreren. Studenten kunnen vaker coaching ontvangen dan er feedback in Portflow wordt vastgelegd. Voor het programma is vooral van belang dat per sprint ten minste één relevant Coaching-datapunt wordt vastgelegd, op een manier die past bij de sprint en voldoende houvast geeft voor latere duiding.

Overzicht per sprint

Coaching Sprint 1

Korte omschrijving

Coaching 1 is het eerste coachmoment binnen de propedeuse. In dit moment staat de start van het leerproces centraal: de student krijgt zicht op de onderwijscontext, organiseert de randvoorwaarden om te kunnen starten en maakt een eerste vertaalslag naar studieaanpak en voortgang.

Mogelijke artefacten

  • Bekend met onderwijs.
  • Toegang tot alle onderwijssystemen.

Succescriteria per leeruitkomst

Persoonlijk Leiderschap
Onderwerp Succescriteria (student)
Studie plannen en monitoren Je maakt een dagelijks/wekelijks overzicht van je taken en maakt een planning voor de uitvoering.
Je checkt op afwijkingen in de uitvoer en stelt plannen bij waar nodig.

Geschikte werkvormen

  • Individueel startgesprek met coach.
  • Bespreken van een eerste weekplanning of persoonlijke aanpak.

Coaching Sprint 2

Korte omschrijving

Coaching 2 richt zich op het expliciteren van de eigen ontwikkeling in de eerste programmeerfase. De student laat zien hoe voortgang wordt bijgehouden, welke leerdoelen centraal staan en hoe reflectie en feedback worden benut om gerichte vervolgstappen te formuleren.

Mogelijke artefacten

  • Taalcheck.
  • Zelfevaluatie.
  • Learning story.
  • Peer review.

Succescriteria per leeruitkomst

Persoonlijk Leiderschap
Onderwerp Succescriteria (student)
Voortgang documenteren Je noteert wekelijks je behaalde resultaten en obstakels in het portfolio-systeem.
Reflecteren op handelen Je beantwoordt gegeven reflectievragen over je aanpak en resultaat.
Proactieve rol in leerproces Je stelt tijdens bijeenkomsten of coaching gerichte vragen over je eigen aanpak.
Je zoekt actief hulp als je vastloopt bij je werk.
Je maakt actief aantekeningen en structureert onderwerpen tijdens instructiemomenten en zelfstudie.
Afspraken nakomen Je voldoet aan alle gemaakte afspraken en levert je werk op tijd.
Leerdoel taak omschrijven en planning maken Je beschrijft bij een gegeven leerdoel concrete stappen en een tijdlijn (bijv. "taak X in 2 dagen").
Verantwoordelijkheid nemen Je pakt toegewezen taken direct op en rondt deze zelfstandig af.
Feedback ontvangen en verwerken Je past ontvangen feedback toe in je volgende taken en benoemt wat je anders doet.
Je schrijft mondeling ontvangen feedback op en vraagt je coach of je dit correct hebt gedaan.
Studie plannen en monitoren Je maakt een dagelijks/wekelijks overzicht van je taken en maakt een planning voor de uitvoering.
Je checkt op afwijkingen in de uitvoer en stelt plannen bij waar nodig.
Analyseren & Adviseren
Onderwerp Succescriteria (student)
Feedback verwerken op product Je past feedback op het product toe in je product en toont aanpassingen.
Feedback houd je bij in je project en je benoemt hoe je deze toepast.
Managen & Samenwerken
Onderwerp Succescriteria (student)
Feedback geven/ontvangen Je geeft en ontvangt eenvoudige feedback tijdens events.
Je noteert feedback op issues en tijdens retrospectives.
Feedback communiceren Je deelt complimenten/verbeterpunten tijdens code reviews.

Geschikte werkvormen

  • Individueel coachgesprek op basis van zelfevaluatie of learning story.
  • Bespreken van peerfeedback en zichtbare opvolging daarvan.
  • Kort voortgangsgesprek aan de hand van voorbereid reflectiemateriaal.
  • Coachgesprek met concrete leerdoelen en acties voor de volgende sprint.

Coaching Sprint 3, 4 en 5

Korte omschrijving

Coaching 3, 4 en 5 vormen samen de coachlijn binnen het projectonderwijs. In deze fase laat de student zien hoe voortgang, leerdoelen, aanpak en professionele ontwikkeling zichtbaar worden binnen het project. Het coachmoment helpt om stil te staan bij eigenaarschap, planning, reflectie, samenwerking en het gericht bijstellen van vervolgstappen.

Binnen deze coachmomenten kan de nadruk per sprint verschillen. In de ene sprint ligt het accent meer op voortgang en planning, in een andere sprint meer op afstemming, professionele communicatie of de verantwoording van gemaakte keuzes. In sprint 5 kan daarnaast expliciet aandacht worden besteed aan de inzet van GenAI.

Mogelijke artefacten

  • Coaching gespreksverslag.
  • Actiepunten met plan van aanpak.
  • Screenshots of recording van productvoortgang.
  • Pitch voor product owner.
  • AI-debat (met name in sprint 5).

Succescriteria per leeruitkomst

Persoonlijk Leiderschap
Onderwerp Succescriteria (student)
Voortgang documenteren Je noteert wekelijks je behaalde resultaten en obstakels in het portfolio-systeem.
Doorzetten bij moeilijkheden Je volhardt bij taken ondanks eerste obstakels en rondt het overgrote deel af.
Proactieve rol in leerproces Je stelt tijdens bijeenkomsten of coaching gerichte vragen over je eigen aanpak.
Je zoekt actief hulp als je vastloopt bij je werk.
Je maakt actief aantekeningen en structureert onderwerpen tijdens instructiemomenten en zelfstudie.
Reflecteren op handelen Je beantwoordt gegeven reflectievragen over je aanpak en resultaat.
Communiceren over leren Je deelt minstens wekelijks mondeling of schriftelijk je voortgang en vragen met je coach.
Je houdt betrokken docenten en teamleden op de hoogte van voortgang en problemen.
Studie plannen en monitoren Je maakt een dagelijks/wekelijks overzicht van je taken en maakt een planning voor de uitvoering.
Je checkt op afwijkingen in de uitvoer en stelt plannen bij waar nodig.
Zelfmotivatie opbouwen Je start taken zelfstandig op.
Je overlegt met je coach bij startproblemen en zoekt samen naar oplossingen.
Leerdoel taak omschrijven en planning maken Je beschrijft bij een gegeven leerdoel concrete stappen en een tijdlijn (bijv. "taak X in 2 dagen").
GenAI verantwoordelijk inzetten Je benoemt expliciet wanneer, hoe en waarom je GenAI inzet.
GenAI-bijdrage reflecteren Je reflecteert op de bijdrage van GenAI aan je leerproces
Managen & Samenwerken
Onderwerp Succescriteria (student)
SCRUM-events toepassen Je participeert actief in planning/review/retro.
Je draagt bij aan de voorbereiding op SCRUM-events.
SCRUM-bord bijhouden Je verplaatst je taken op het bord en update status.

Geschikte werkvormen

  • Individueel coachgesprek op basis van gespreksverslag en actiepunten.
  • Teamcoaching over planning, voortgang en rolverdeling.
  • Sprintstart of coachmoment met team en coach.
  • Pitch of afstemming met product owner.
  • Kort voortgangsgesprek aan de hand van productvoortgang en sprintdoelen.
  • Bespreking van AI-gebruik en verantwoording daarvan, met name in sprint 5.
Eigenaar Michiel
Teameigenaar Product owner propedeuse

Deze pagina is voor het laatst bewerkt op .

Recente bewerkingen · bekijk de recente bewerkingen
  • · ec56213
    @@ -11,42 +11,45 @@ Coaching is het feedbackmoment waarin de student gericht stilstaat bij voortgang Coaching heeft een ontwikkelingsgerichte functie. Het gaat om het begeleiden van het leerproces, het zichtbaar maken van keuzes en voortgang, en het ondersteunen van eigenaarschap bij de student. De vorm kan verschillen per sprint, klas, project of student. Niet iedere coachingssessie hoeft te leiden tot vastgelegde feedback in Portflow. Wel wordt per sprint minimaal één feedbackmoment binnen Coaching vastgelegd, zodat er over tijd voldoende datapunten ontstaan voor het programmatisch toetsen-portfolio. ## Wat komt aan bod Binnen Coaching staan vragen centraal zoals:+ - Waar werkt de student op dit moment aan? - Wat gaat goed en wat vraagt nog aandacht? - Welke leerdoelen of actiepunten zijn relevant voor deze sprint? - In hoeverre is de student in staat om feedback op te halen, te benutten en om te zetten in concrete vervolgstappen? - Hoe plant en monitort de student het eigen leerproces? Coaching kan zowel individueel als in teamverband plaatsvinden. Afhankelijk van de context kan het gaan om een kort voortgangsgesprek, een coachgesprek op basis van artefacten, een pitch, een afstemming met de product owner of opdrachtgever, of een bespreking van leerdoelen en aanpak. ## Mogelijke artefacten Mogelijke artefacten of input voor Coaching zijn:+ - Persoonlijke leerdoelen of een learning story. - Een planning, dagplanning of plan van aanpak. - Een coaching- of voortgangsverslag. - Zelfevaluatie of voorbereide reflectie. - Actiepunten uit een eerdere retrospective. - Taalcheck, timesheet of logboek. - Screenshots, opnames of tussenproducten die voortgang zichtbaar maken. - Een pitch of voorbereiding op afstemming met product owner of opdrachtgever. - Bewijs van opgehaalde en verwerkte feedback. Niet elk artefact hoeft in elke sprint aanwezig te zijn. De keuze voor artefacten hangt samen met het onderwijs in die sprint en met wat de student nodig heeft om ontwikkeling zichtbaar te maken. ## Leeruitkomsten en succescriteria Binnen Coaching ligt de nadruk vooral op leeruitkomsten en succescriteria die te maken hebben met persoonlijk leiderschap en het sturen van het eigen leerproces. Afhankelijk van de sprint kan Coaching onder meer raken aan:+ - Studie plannen en monitoren. - Voortgang documenteren. - Leerdoelen formuleren. - Proactieve rol in het leerproces nemen. - Reflecteren op handelen. - Communiceren over leren. - Verantwoordelijkheid nemen. - Afspraken nakomen.@@ -54,16 +57,17 @@ Binnen Coaching ligt de nadruk vooral op leeruitkomsten en succescriteria die te - Feedback ontvangen en verwerken. - GenAI verantwoordelijk inzetten en op eigen inzet reflecteren. In latere sprints kan Coaching ook raken aan het afbakenen van problemen, het omgaan met stakeholders en het vertalen van feedback naar product- of procesverbetering, bijvoorbeeld wanneer studenten hun aanpak of richting bespreken met een product owner of opdrachtgever. ## Praktische werkvormen Passende werkvormen voor Coaching zijn bijvoorbeeld:+ - Individuele coachgesprekken. - Teamcoaching. - Sprintstart of coachmoment aan het begin van een sprint. - Gesprek met product owner of opdrachtgever. - Bespreken van leerdoelen en actiepunten. - Korte pitch over voortgang, keuzes of voorgenomen aanpak. - Bespreken van een zelfevaluatie of learning story. - Coaching op basis van eerder ontvangen feedback.@@ -80,38 +84,41 @@ Daarnaast is het belangrijk om onderscheid te maken tussen coachen en registrere ## Overzicht per sprint ### Coaching Sprint 1 #### Korte omschrijving Coaching 1 is het eerste coachmoment binnen de propedeuse. In dit moment staat de start van het leerproces centraal: de student krijgt zicht op de onderwijscontext, organiseert de randvoorwaarden om te kunnen starten en maakt een eerste vertaalslag naar studieaanpak en voortgang. #### Mogelijke artefacten+ - Bekend met onderwijs. - Toegang tot alle onderwijssystemen. #### Succescriteria per leeruitkomst ##### Persoonlijk Leiderschap | Onderwerp                   | Succescriteria (student)                                                                          | | --------------------------- | ------------------------------------------------------------------------------------------------- | | Studie plannen en monitoren | Je maakt een dagelijks/wekelijks overzicht van je taken en maakt een planning voor de uitvoering. | |                             | Je checkt op afwijkingen in de uitvoer en stelt plannen bij waar nodig.                           | #### Geschikte werkvormen+ - Individueel startgesprek met coach. - Bespreken van een eerste weekplanning of persoonlijke aanpak. ### Coaching Sprint 2 #### Korte omschrijving Coaching 2 richt zich op het expliciteren van de eigen ontwikkeling in de eerste programmeerfase. De student laat zien hoe voortgang wordt bijgehouden, welke leerdoelen centraal staan en hoe reflectie en feedback worden benut om gerichte vervolgstappen te formuleren. #### Mogelijke artefacten+ - Taalcheck. - Zelfevaluatie. - Learning story. - Peer review. #### Succescriteria per leeruitkomst ##### Persoonlijk Leiderschap@@ -142,29 +149,31 @@ Coaching 2 richt zich op het expliciteren van de eigen ontwikkeling in de eerste | Onderwerp                | Succescriteria (student)                                   | | ------------------------ | ---------------------------------------------------------- | | Feedback geven/ontvangen | Je geeft en ontvangt eenvoudige feedback tijdens events.   | |                          | Je noteert feedback op issues en tijdens retrospectives.   | | Feedback communiceren    | Je deelt complimenten/verbeterpunten tijdens code reviews. | #### Geschikte werkvormen+ - Individueel coachgesprek op basis van zelfevaluatie of learning story. - Bespreken van peerfeedback en zichtbare opvolging daarvan. - Kort voortgangsgesprek aan de hand van voorbereid reflectiemateriaal. - Coachgesprek met concrete leerdoelen en acties voor de volgende sprint. ### Coaching Sprint 3, 4 en 5 #### Korte omschrijving Coaching 3, 4 en 5 vormen samen de coachlijn binnen het projectonderwijs. In deze fase laat de student zien hoe voortgang, leerdoelen, aanpak en professionele ontwikkeling zichtbaar worden binnen het project. Het coachmoment helpt om stil te staan bij eigenaarschap, planning, reflectie, samenwerking en het gericht bijstellen van vervolgstappen. Binnen deze coachmomenten kan de nadruk per sprint verschillen. In de ene sprint ligt het accent meer op voortgang en planning, in een andere sprint meer op afstemming, professionele communicatie of de verantwoording van gemaakte keuzes. In sprint 5 kan daarnaast expliciet aandacht worden besteed aan de inzet van GenAI. #### Mogelijke artefacten+ - Coaching gespreksverslag. - Actiepunten met plan van aanpak. - Screenshots of recording van productvoortgang. - Pitch voor product owner. - AI-debat (met name in sprint 5). #### Succescriteria per leeruitkomst@@ -192,14 +201,15 @@ Binnen deze coachmomenten kan de nadruk per sprint verschillen. In de ene sprint | Onderwerp              | Succescriteria (student)                             | | ---------------------- | ---------------------------------------------------- | | SCRUM-events toepassen | Je participeert actief in planning/review/retro.     | |                        | Je draagt bij aan de voorbereiding op SCRUM-events.  | | SCRUM-bord bijhouden   | Je verplaatst je taken op het bord en update status. | #### Geschikte werkvormen+ - Individueel coachgesprek op basis van gespreksverslag en actiepunten. - Teamcoaching over planning, voortgang en rolverdeling. - Sprintstart of coachmoment met team en coach. - Pitch of afstemming met product owner. - Kort voortgangsgesprek aan de hand van productvoortgang en sprintdoelen. - Bespreking van AI-gebruik en verantwoording daarvan, met name in sprint 5.
  • · 5cdcd9b
    @@ -0,0 +1,205 @@+---+team_owner_meta_data: "Product owner propedeuse"+name_owner_meta_data: "Michiel"+---++# Detailomschrijving feedbackmoment: Coaching++## Korte uitleg++Coaching is het feedbackmoment waarin de student gericht stilstaat bij voortgang, leerdoelen, planning, aanpak en professionele ontwikkeling binnen de sprint. Het moment helpt om studenten expliciet te laten maken waar zij staan, wat zij willen verbeteren en welke acties daarvoor nodig zijn.++Coaching heeft een ontwikkelingsgerichte functie. Het gaat om het begeleiden van het leerproces, het zichtbaar maken van keuzes en voortgang, en het ondersteunen van eigenaarschap bij de student. De vorm kan verschillen per sprint, klas, project of student.++Niet iedere coachingssessie hoeft te leiden tot vastgelegde feedback in Portflow. Wel wordt per sprint minimaal één feedbackmoment binnen Coaching vastgelegd, zodat er over tijd voldoende datapunten ontstaan voor het programmatisch toetsen-portfolio.++## Wat komt aan bod++Binnen Coaching staan vragen centraal zoals:+- Waar werkt de student op dit moment aan?+- Wat gaat goed en wat vraagt nog aandacht?+- Welke leerdoelen of actiepunten zijn relevant voor deze sprint?+- In hoeverre is de student in staat om feedback op te halen, te benutten en om te zetten in concrete vervolgstappen?+- Hoe plant en monitort de student het eigen leerproces?++Coaching kan zowel individueel als in teamverband plaatsvinden. Afhankelijk van de context kan het gaan om een kort voortgangsgesprek, een coachgesprek op basis van artefacten, een pitch, een afstemming met de product owner of opdrachtgever, of een bespreking van leerdoelen en aanpak.++## Mogelijke artefacten++Mogelijke artefacten of input voor Coaching zijn:+- Persoonlijke leerdoelen of een learning story.+- Een planning, dagplanning of plan van aanpak.+- Een coaching- of voortgangsverslag.+- Zelfevaluatie of voorbereide reflectie.+- Actiepunten uit een eerdere retrospective.+- Taalcheck, timesheet of logboek.+- Screenshots, opnames of tussenproducten die voortgang zichtbaar maken.+- Een pitch of voorbereiding op afstemming met product owner of opdrachtgever.+- Bewijs van opgehaalde en verwerkte feedback.++Niet elk artefact hoeft in elke sprint aanwezig te zijn. De keuze voor artefacten hangt samen met het onderwijs in die sprint en met wat de student nodig heeft om ontwikkeling zichtbaar te maken.++## Leeruitkomsten en succescriteria++Binnen Coaching ligt de nadruk vooral op leeruitkomsten en succescriteria die te maken hebben met persoonlijk leiderschap en het sturen van het eigen leerproces. Afhankelijk van de sprint kan Coaching onder meer raken aan:+- Studie plannen en monitoren.+- Voortgang documenteren.+- Leerdoelen formuleren.+- Proactieve rol in het leerproces nemen.+- Reflecteren op handelen.+- Communiceren over leren.+- Verantwoordelijkheid nemen.+- Afspraken nakomen.+- Zelfmotivatie opbouwen en doorzetten.+- Feedback ontvangen en verwerken.+- GenAI verantwoordelijk inzetten en op eigen inzet reflecteren.++In latere sprints kan Coaching ook raken aan het afbakenen van problemen, het omgaan met stakeholders en het vertalen van feedback naar product- of procesverbetering, bijvoorbeeld wanneer studenten hun aanpak of richting bespreken met een product owner of opdrachtgever.++## Praktische werkvormen++Passende werkvormen voor Coaching zijn bijvoorbeeld:+- Individuele coachgesprekken.+- Teamcoaching.+- Sprintstart of coachmoment aan het begin van een sprint.+- Gesprek met product owner of opdrachtgever.+- Bespreken van leerdoelen en actiepunten.+- Korte pitch over voortgang, keuzes of voorgenomen aanpak.+- Bespreken van een zelfevaluatie of learning story.+- Coaching op basis van eerder ontvangen feedback.+- Bespreken van de inzet van hulpmiddelen zoals AI-tools.++De werkvorm hoeft niet elke sprint hetzelfde te zijn. Juist variatie kan helpen om coaching aan te laten sluiten op het type project, de fase van het semester en de ontwikkelbehoefte van de student.++## Aandachtspunten voor uitvoering++Voor de uitvoering van Coaching is het belangrijk dat het gesprek of de werkvorm studenten helpt om ontwikkeling zichtbaar te maken. Dat vraagt om doelgerichte vragen, ruimte voor reflectie en heldere vervolgafspraken.++Daarnaast is het belangrijk om onderscheid te maken tussen coachen en registreren. Studenten kunnen vaker coaching ontvangen dan er feedback in Portflow wordt vastgelegd. Voor het programma is vooral van belang dat per sprint ten minste één relevant Coaching-datapunt wordt vastgelegd, op een manier die past bij de sprint en voldoende houvast geeft voor latere duiding.++## Overzicht per sprint++### Coaching Sprint 1++#### Korte omschrijving+Coaching 1 is het eerste coachmoment binnen de propedeuse. In dit moment staat de start van het leerproces centraal: de student krijgt zicht op de onderwijscontext, organiseert de randvoorwaarden om te kunnen starten en maakt een eerste vertaalslag naar studieaanpak en voortgang.++#### Mogelijke artefacten+- Bekend met onderwijs.+- Toegang tot alle onderwijssystemen.++#### Succescriteria per leeruitkomst++##### Persoonlijk Leiderschap++| Onderwerp                   | Succescriteria (student)                                                                          |+| --------------------------- | ------------------------------------------------------------------------------------------------- |+| Studie plannen en monitoren | Je maakt een dagelijks/wekelijks overzicht van je taken en maakt een planning voor de uitvoering. |+|                             | Je checkt op afwijkingen in de uitvoer en stelt plannen bij waar nodig.                           |++#### Geschikte werkvormen+- Individueel startgesprek met coach.+- Bespreken van een eerste weekplanning of persoonlijke aanpak.++### Coaching Sprint 2++#### Korte omschrijving+Coaching 2 richt zich op het expliciteren van de eigen ontwikkeling in de eerste programmeerfase. De student laat zien hoe voortgang wordt bijgehouden, welke leerdoelen centraal staan en hoe reflectie en feedback worden benut om gerichte vervolgstappen te formuleren.++#### Mogelijke artefacten+- Taalcheck.+- Zelfevaluatie.+- Learning story.+- Peer review.++#### Succescriteria per leeruitkomst++##### Persoonlijk Leiderschap++| Onderwerp                                   | Succescriteria (student)                                                                             |+| ------------------------------------------- | ---------------------------------------------------------------------------------------------------- |+| Voortgang documenteren                      | Je noteert wekelijks je behaalde resultaten en obstakels in het portfolio-systeem.                   |+| Reflecteren op handelen                     | Je beantwoordt gegeven reflectievragen over je aanpak en resultaat.                                  |+| Proactieve rol in leerproces                | Je stelt tijdens bijeenkomsten of coaching gerichte vragen over je eigen aanpak.                     |+|                                             | Je zoekt actief hulp als je vastloopt bij je werk.                                                   |+|                                             | Je maakt actief aantekeningen en structureert onderwerpen tijdens instructiemomenten en zelfstudie.  |+| Afspraken nakomen                           | Je voldoet aan alle gemaakte afspraken en levert je werk op tijd.                                    |+| Leerdoel taak omschrijven en planning maken | Je beschrijft bij een gegeven leerdoel concrete stappen en een tijdlijn (bijv. "taak X in 2 dagen"). |+| Verantwoordelijkheid nemen                  | Je pakt toegewezen taken direct op en rondt deze zelfstandig af.                                     |+| Feedback ontvangen en verwerken             | Je past ontvangen feedback toe in je volgende taken en benoemt wat je anders doet.                   |+|                                             | Je schrijft mondeling ontvangen feedback op en vraagt je coach of je dit correct hebt gedaan.        |+| Studie plannen en monitoren                 | Je maakt een dagelijks/wekelijks overzicht van je taken en maakt een planning voor de uitvoering.    |+|                                             | Je checkt op afwijkingen in de uitvoer en stelt plannen bij waar nodig.                              |++##### Analyseren & Adviseren++| Onderwerp                     | Succescriteria (student)                                                 |+| ----------------------------- | ------------------------------------------------------------------------ |+| Feedback verwerken op product | Je past feedback op het product toe in je product en toont aanpassingen. |+|                               | Feedback houd je bij in je project en je benoemt hoe je deze toepast.    |++##### Managen & Samenwerken++| Onderwerp                | Succescriteria (student)                                   |+| ------------------------ | ---------------------------------------------------------- |+| Feedback geven/ontvangen | Je geeft en ontvangt eenvoudige feedback tijdens events.   |+|                          | Je noteert feedback op issues en tijdens retrospectives.   |+| Feedback communiceren    | Je deelt complimenten/verbeterpunten tijdens code reviews. |++#### Geschikte werkvormen+- Individueel coachgesprek op basis van zelfevaluatie of learning story.+- Bespreken van peerfeedback en zichtbare opvolging daarvan.+- Kort voortgangsgesprek aan de hand van voorbereid reflectiemateriaal.+- Coachgesprek met concrete leerdoelen en acties voor de volgende sprint.++### Coaching Sprint 3, 4 en 5++#### Korte omschrijving+Coaching 3, 4 en 5 vormen samen de coachlijn binnen het projectonderwijs. In deze fase laat de student zien hoe voortgang, leerdoelen, aanpak en professionele ontwikkeling zichtbaar worden binnen het project. Het coachmoment helpt om stil te staan bij eigenaarschap, planning, reflectie, samenwerking en het gericht bijstellen van vervolgstappen.++Binnen deze coachmomenten kan de nadruk per sprint verschillen. In de ene sprint ligt het accent meer op voortgang en planning, in een andere sprint meer op afstemming, professionele communicatie of de verantwoording van gemaakte keuzes. In sprint 5 kan daarnaast expliciet aandacht worden besteed aan de inzet van GenAI.++#### Mogelijke artefacten+- Coaching gespreksverslag.+- Actiepunten met plan van aanpak.+- Screenshots of recording van productvoortgang.+- Pitch voor product owner.+- AI-debat (met name in sprint 5).++#### Succescriteria per leeruitkomst++##### Persoonlijk Leiderschap++| Onderwerp                                   | Succescriteria (student)                                                                             |+| ------------------------------------------- | ---------------------------------------------------------------------------------------------------- |+| Voortgang documenteren                      | Je noteert wekelijks je behaalde resultaten en obstakels in het portfolio-systeem.                   |+| Doorzetten bij moeilijkheden                | Je volhardt bij taken ondanks eerste obstakels en rondt het overgrote deel af.                       |+| Proactieve rol in leerproces                | Je stelt tijdens bijeenkomsten of coaching gerichte vragen over je eigen aanpak.                     |+|                                             | Je zoekt actief hulp als je vastloopt bij je werk.                                                   |+|                                             | Je maakt actief aantekeningen en structureert onderwerpen tijdens instructiemomenten en zelfstudie.  |+| Reflecteren op handelen                     | Je beantwoordt gegeven reflectievragen over je aanpak en resultaat.                                  |+| Communiceren over leren                     | Je deelt minstens wekelijks mondeling of schriftelijk je voortgang en vragen met je coach.           |+|                                             | Je houdt betrokken docenten en teamleden op de hoogte van voortgang en problemen.                    |+| Studie plannen en monitoren                 | Je maakt een dagelijks/wekelijks overzicht van je taken en maakt een planning voor de uitvoering.    |+|                                             | Je checkt op afwijkingen in de uitvoer en stelt plannen bij waar nodig.                              |+| Zelfmotivatie opbouwen                      | Je start taken zelfstandig op.                                                                       |+|                                             | Je overlegt met je coach bij startproblemen en zoekt samen naar oplossingen.                         |+| Leerdoel taak omschrijven en planning maken | Je beschrijft bij een gegeven leerdoel concrete stappen en een tijdlijn (bijv. "taak X in 2 dagen"). |+| GenAI verantwoordelijk inzetten             | Je benoemt expliciet wanneer, hoe en waarom je GenAI inzet.                                          |+| GenAI-bijdrage reflecteren                  | Je reflecteert op de bijdrage van GenAI aan je leerproces                                            |++##### Managen & Samenwerken++| Onderwerp              | Succescriteria (student)                             |+| ---------------------- | ---------------------------------------------------- |+| SCRUM-events toepassen | Je participeert actief in planning/review/retro.     |+|                        | Je draagt bij aan de voorbereiding op SCRUM-events.  |+| SCRUM-bord bijhouden   | Je verplaatst je taken op het bord en update status. |++#### Geschikte werkvormen+- Individueel coachgesprek op basis van gespreksverslag en actiepunten.+- Teamcoaching over planning, voortgang en rolverdeling.+- Sprintstart of coachmoment met team en coach.+- Pitch of afstemming met product owner.+- Kort voortgangsgesprek aan de hand van productvoortgang en sprintdoelen.+- Bespreking van AI-gebruik en verantwoording daarvan, met name in sprint 5.
  • · c78935d
    @@ -1,11 +0,0 @@-team_owner_meta_data: "Product owner propedeuse"-name_owner_meta_data: "Michiel"--# Coaching S1--> Deze pagine is automatisch gegenereerd en functioneert als PLACEHOLDER.-> Zo snel mogelijk komt hier de voorlopig definitieve tekst van dit lemma.--Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit, sed do eiusmod tempor incididunt ut labore et dolore magna aliqua ....
  • · e38c335
    @@ -0,0 +1,11 @@+---+team_owner_meta_data: "Product owner propedeuse"+name_owner_meta_data: "Michiel"+---++# Coaching S1++> Deze pagine is automatisch gegenereerd en functioneert als PLACEHOLDER.+> Zo snel mogelijk komt hier de voorlopig definitieve tekst van dit lemma.++Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit, sed do eiusmod tempor incididunt ut labore et dolore magna aliqua ....