Je komt op tijd naar sprints en coaching, levert werk op volgens afspraken en neemt eigenaarschap voor je taken. Je meldt knelpunten op tijd en zoekt actief naar oplossingen met je team.
Milestones Definition of Done Daily standup Samenwerkingscontract
Communiceren over leren (b, c)
Je deelt wekelijks je voortgang, vragen en obstakels met coach en peers, mondeling of via het portfoliosysteem. Je schrijft in correct en begrijpelijk Nederlands.
Je formuleert eigen concrete leerdoelen per sprint met stappen en verwacht resultaat.
Leerdoelen SMART Actieplan
Informatie ordenen (c)
Je verdeelt je werk in deeltaken. Je structureert leerinhoud door deze te groeperen, te visualiseren en verbanden te leggen.
Cornell methode Mindmap Chunking
Reflecteren (d)
Je reflecteert zelfstandig op je aanpak, keuzes en uitkomsten. Je identificeert per leeruitkomst sterktes/zwaktes en koppelt deze aan concrete voorbeelden.
Reflectiemodel Korthagen SWOT-analyse
GenAI & veiligheid (e, f)
Je gebruikt GenAI doelgericht en verantwoord, vergelijkt AI‑output kritisch met eigen werk en andere bronnen. Je onderbouwt de bijdrage van GenAI aan je leerproces en resultaat. Je benoemt expliciet hoe jij verantwoorde keuzes maakt over security aspecten.
Hallucinaties Bias in AI-systemen Plagiaatrisico Onderwijs en toetsregels AI Verifcatie van AI-Output Beperkingen van GenAI Cyber veiligheid principes CIA & AAA Triad
Je formuleert een scherpe probleemstelling en valideert deze bij de opdrachtgever. Je onderscheidt feiten van aannames en benoemt expliciet wat je nog niet weet. Je maakt in grote lijnen een risicoanalyse van het vraagstuk en kunt hierover adviseren.
Probleemstelling Hoofdvraag en deelvragen Feiten vs. aannames Risicoanalyse in grote lijnen: dreiging, kwetsbaarheid, risico (kans × impact), voorbeeldmaatregelen
Stakeholders en belangen (a)
Je identificeert alle relevante stakeholders voor het vraagstuk. Je analyseert de belangen van deze stakeholders in het project.
Je organiseert interviews en reviews met stakeholders, bereidt deze voor en volgt op wat is besproken. Je verifieert bewust aannames met stakeholders en rapporteert afspraken en bevindingen gestructureerd terug.
Sprintreview Gesprekrapportage Feiten vs. aannames LSD
Feedback & advies communiceren (f)
Je clustert en prioriteert feedback uit meerdere tests en verwerkt deze in iteraties van je productvoorstel. Je verdedigt je voorstel klantgericht, mondeling in stakeholder‑reviews en schriftelijk in een gestructureerd advies, gericht op hoofdzaken.
Je volgt een gegeven onderzoeksmethode en plant passende onderzoekstappen en tests. Je documenteert tussentijdse stappen en resultaten, zodat je aanpak navolgbaar is voor anderen.
Je vergelijkt bronnen en testresultaten, signaleert inconsistenties en trekt gefundeerde conclusies. Je maakt op basis van een eenvoudige risicoanalyse expliciete overwegingen rond cyberveiligheid en neemt deze mee in je advies.
Betrouwbaarheid en validiteit Triangulatie Inconsistenties signaleren Gefundeerde conclusie Skeptische houding CIA & AAA triades OWASP top ten Security framework
Keuzes verantwoorden & feedback verwerken (d, e, f)
Je licht toe waarom je voor een bepaalde aanpak of oplossing kiest op basis van verzamelde data en een gegeven afwegingsmethode. Je prioriteert feedback uit verschillende bronnen en rechtvaardigt welke inzichten je wel en niet toepast in je productvoorstel. Je gebruikt een gegeven afwegingsmethode om een gevonden resultaat te onderbouwen. Je prioriteert eisen met onderbouwing voor productvoorstel.
Afwegingscriteria / selectieparameters Beslismatrix Argumentatie opbouw uit data Herleidbaarheid Feedback bronnen Feedback clusteren Feedback keuze en onderbouwing MoSCoW categorieën Waarde, risico en haalbaarheid Prioritering onderbouwen
Je bereidt interviews met stakeholders voor, voert ze uit met passende vragen en past vragen aan op basis van antwoorden. Je verzamelt eisen via deze gesprekken en vertaalt ze naar heldere user stories met acceptatiecriteria, inclusief relevante wet‑ en regelgeving en cyberveiligheids‑best‑practices.
Interviewdoel en scope Stakeholderselectie Open vragen vs. gerichte vragen LSD Interviewnotulen Interviewtranscriptie Requirements onderzoek User stories Acceptatiecriteria Functionele en niet‑functionele eisen Wet AVG/GDPR Wet CRA Cybersecurity best‑practices
Bronnen zoeken en beoordelen (c, e)
Je vindt relevante bronnen en documentatie om het vraagstuk te onderzoeken. Je onderbouwt waarom jouw gekozen bronnen betrouwbaar en bruikbaar zijn voor dit probleem.
(Vak)literatuur Documentatie Betrouwbare bronnen CRAAP‑methode Bias Feit, mening en interpretatie Sceptische houding
Bronnen volgens standaard noemen (c)
Je citeert alle bronnen consistent met APA. Je gebruikt de correcte APA-notatie die hoort bij de geciteerde bron.
APA stijl Verschillende brontypes Consistente notatie
LSD‑gesprekstechniek (b)
Je vat gesprekken in eigen woorden samen, vraagt door bij onduidelijkheden en bevestigt actief of je de stakeholder goed hebt begrepen.
Je benoemt wanneer en hoe je GenAI gebruikt voor onderzoek en analyseert de betrouwbaarheid en bijdrage kritisch. Je weegt GenAI-output af tegen eigen bevindingen en rechtvaardigt je definitieve keuzes.
LLM Genereren Contextvenster Dataveiligheid Hallucinaties Bias Beperkingen GenAI Verificatie van AI-output Eigenaarschap bij GenAI gebruik Verantwoord AI-gebruik
Je bouwt een oplossing met client‑servercommunicatie en past HTTPS correct toe in de server. Je implementeert een eenvoudige maar veilige identificatie‑ en autorisatiestructuur in je applicatie.
Client-servermodel API-endpoint Frontend vs. backend Server vs. client HTTP/HTTPS-protocol TLS/HTTPS configuratie Authenticatie Authorisatie Token gebaseerde login Sessie gebaseerde login
Programmeren (OOP basis) (a, b)
Je past OOP-pijlers toe (encapsulatie, inheritance) in je code. Je gebruikt gegeven libraries en API's correct in je oplossing.
OOP basis: Class, object, attribuut/veld, methode/functie, encapsulatie en overerving Libraries, packages en imports API-documentatie Dependency beheer
Database basiskennis (a)
Je schrijft SQL‑queries om data op te halen en te bewerken. Je bevraagt meerdere tabellen tegelijk met JOINs en past filters toe.
Je configureert IDE/tools voor ontwikkeling en samenwerking, en gebruikt deze consequent. Je debugt zelfstandig issues en levert een werkend product met meerdere functionaliteiten volgens de Definition of Done en acceptatiecriteria.
Fouttypes Debugger Stack trace Logging informatie Systematisch debuggen IDE/editor Package managers Tools bouwen en runnen Versiebeheer Plug-ins Software Development Life Cycle (SDLC) Definition of Done Acceptatiecriteria Gebruikerstesten
Je stelt user stories op met een relevante actor, wens en onderbouwing. Je maakt user stories die binnen enkele dagen te realiseren zijn en voorziet ze van heldere acceptatiecriteria, inclusief unhappy flow en edge cases.
Structuur van een user story Actor Functioneel vs. niet-functioneel Epic vs. User story Acceptatiecriteria Happy flow, unhappy flow en edge cases
Iteratief ontwerpen & Gebruiker centraal (d, f)
Je voert meerdere TMC-cycli met prototype en product. Je ontwerpt UI/UX met wireframes gebaseerd op onderzoek. Je documenteert verbeteringen in de user stories.
Je identificeert relevante ethische risico's (zoals privacy, datamisbruik of discriminatie). Je laat in ontwerp en user stories zien hoe je met deze risico's rekening houdt.
Privacy Datamisbruik Discriminatie Manipulatie Inclusie en toegankelijkheid Transparantie Relevante richtlijnen
Je ontwerpt een schaalbare structuur met client‑server‑ en datalagen. Je licht toe hoe de verschillende lagen en componenten met elkaar samenwerken.
Client-serverarchitectuur Layered architecture
Modelleren toepassen (c)
Je maakt complete UML/ERD voor complexe oplossing. Je visualiseert de relaties tussen entiteiten correct en omschrijft deze.
UML-classdiagram Klassen, associaties, multipliciteit aggregatie/compositie ERD-diagram Entiteiten, attributen, relaties, kardinaliteit, optioneel/verplicht Conceptueel model Logisch/technisch model
Secure by Design (c, f)
Je past basisprincipes van informatiebeveiliging (CIA/AAA, OWASP‑basics) toe in je ontwerp. Je ontwerpt een eenvoudige maar effectieve identificatie‑ en autorisatiestructuur en onderbouwt je keuzes.
Basisprincipes informatiebeveiliging[^2]: CIA‑triade (Confidentiality, Integrity, Availability) Secure-by-Design Privacy-by-Design Inputvalidatie: waarom gebruikersinvoer gecontroleerd moet worden; voorbeelden van onveilige input (SQL‑injectie, XSS conceptueel niveau Toegangsbeveiliging: verschil tussen authenticatie en autorisatie, rollen en rechten
Je gebruikt AI voor codegeneratie en ideeën en controleert kritisch de gegeven output. Je gebruikt AI-prompts gebaseerd op product specificaties en documenteert aanpassingen. Je past AI‑output aan zodat deze voldoet aan de eisen en legt je AI‑gebruik vast in documentatie of portfolio. Je begrijpt de basis van hoe LLM's werken en houdt hier rekening mee tijdens het gebruik.
Je voorkomt dat je gevoelige gegevens in AI‑prompts stopt en past dataminimalisatie toe. Je past security principes toe bij het selecteren van AI-output.
Dataveiligheid Data-minimalisatie Security principes bij GenAI Prompt-injection Shadow-AI
Je werkt met branches en merge requests en lost merge‑conflicten zelfstandig op. Je schrijft korte, duidelijke commit‑berichten en gebruikt Git om werk van teamgenoten te controleren tegen afgesproken kwaliteitseisen.
Je richt een eenvoudige CI/CD‑pipeline in met automatische build‑ of teststappen. Je rolt een werkend product uit naar een test‑ of live‑omgeving en kunt een rollback uitvoeren als er problemen zijn.
Je coördineert de taakverdeling in het team en bewaakt een haalbare balans in werklast. Je communiceert je capaciteit en prioriteiten duidelijk naar je team en P.O.
Je benoemt spanningen of conflicten in het team op een respectvolle manier. Je zoekt actief naar een gezamenlijke oplossing en maakt afspraken over vervolgstappen. Je geeft concrete, constructieve feedback op gedrag en werk van teamgenoten. Je verwerkt ontvangen feedback zichtbaar in je eigen aanpak of werk.
Je bespreekt ethische impact van keuzes met team en P.O. Je reflecteert op je eigen verantwoordelijkheid als ICT‑professional binnen het team en benoemt belangen en waarden van stakeholders.
Privacy Bias Manipulatieve patronen Inclusie Ethische impact Belangen en waarden stakeholders
Je controleert eigen werk en teamwerk kritisch aan de hand van de Definition of Done en acceptatiecriteria. Je keurt werk dat niet aan de projectstandaard voldoet af en koppelt dit terug met concrete verbeterpunten.
Je zorgt dat code voldoet aan afgesproken kwaliteitschecks en tooling (linting, formattering, tests) voordat je oplevert. Je levert elke sprint een schoon, werkend product op met een duidelijke projectstructuur en basisdocumentatie.
Je leidt of faciliteert SCRUM‑events zoals stand‑ups, reviews en retrospectives. Je brengt voortgang, blockers en verbeterideeën in en betrekt het team bij beslissingen.
Je beheert de projectomgeving (bijvoorbeeld GitLab‑issues, labels, boards en milestones) en houdt het sprintboard tijdens je werk actueel. Je signaleert problemen in planning of voortgang en bespreekt deze met team en Product Owner.
Issues, labels, boards, milestones/sprints en epics Issue status Product backlog Sprint backlog MoSCoW
User stories gebruiken (c)
Je gebruikt user stories met acceptatiecriteria om werk te plannen en bij te houden tijdens je sprint. Je past user stories en acceptatiecriteria aan op basis van feedback en nieuwe inzichten.
User story Acceptatiecriteria Happy en unhappy flow Backlog refinement
EigenaarMichiel
TeameigenaarProduct owner propedeuse
Deze pagina is voor het laatst bewerkt op
.
Recente bewerkingen
· bekijk de recente bewerkingen
@@ -33,17 +33,17 @@ name_owner_meta_data: "Michiel" | GenAI & veiligheid (e, f) | Je gebruikt GenAI doelgericht en verantwoord, vergelijkt AI‑output kritisch met eigen werk en andere bronnen.<br>Je onderbouwt de bijdrage van GenAI aan je leerproces en resultaat.<br>Je benoemt expliciet hoe jij verantwoorde keuzes maakt over security aspecten. | Hallucinaties<br>Bias in AI-systemen<br>Plagiaatrisico<br>Onderwijs en toetsregels AI<br>Verifcatie van AI-Output<br>Beperkingen van GenAI<br>Cyber veiligheid principes<br>CIA & AAA Triad | ## 2.2: Analyseren & Adviseren ### Context en communicatie | **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** | | --- | --- | --- |-| Probleem verhelderen en risico's (a, d) | Je formuleert een scherpe probleemstelling met deelvragen en valideert deze bij de opdrachtgever.<br>Je onderscheidt feiten van aannames en benoemt expliciet wat je nog niet weet.<br>Je maakt in grote lijnen een risicoanalyse van het vraagstuk en kunt hierover adviseren. | Probleemstelling<br>Hoofdvraag en deelvragen<br>Feiten vs. aannames<br>Risicoanalyse in grote lijnen: dreiging, kwetsbaarheid, risico (kans × impact), voorbeeldmaatregelen |+| Probleem verhelderen en risico's (a, d) | Je formuleert een scherpe probleemstelling en valideert deze bij de opdrachtgever.<br>Je onderscheidt feiten van aannames en benoemt expliciet wat je nog niet weet.<br>Je maakt in grote lijnen een risicoanalyse van het vraagstuk en kunt hierover adviseren. | Probleemstelling<br>Hoofdvraag en deelvragen<br>Feiten vs. aannames<br>Risicoanalyse in grote lijnen: dreiging, kwetsbaarheid, risico (kans × impact), voorbeeldmaatregelen | | Stakeholders en belangen (a) | Je identificeert alle relevante stakeholders voor het vraagstuk.<br>Je analyseert de belangen van deze stakeholders in het project. | Stakeholder<br>Interne/externe stakeholder<br>Belangenafweging | | Professioneel met stakeholders omgaan (b, f) | Je organiseert interviews en reviews met stakeholders, bereidt deze voor en volgt op wat is besproken.<br>Je verifieert bewust aannames met stakeholders en rapporteert afspraken en bevindingen gestructureerd terug. | Sprintreview<br>Gesprekrapportage<br>Feiten vs. aannames<br>LSD | | Feedback & advies communiceren (f) | Je clustert en prioriteert feedback uit meerdere tests en verwerkt deze in iteraties van je productvoorstel.<br>Je verdedigt je voorstel klantgericht, mondeling in stakeholder‑reviews en schriftelijk in een gestructureerd advies, gericht op hoofdzaken. | Feedback clusteren<br>Feedback prioriteren<br>Adviesstructuur (probleem, analyse, opties, aanbeveling)<br>Adviesrapport<br>Hoofd- en bijzaken<br>Klantgericht handelen<br>Doelgroep | ### Kwaliteit | **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** | | --- | --- | --- |
@@ -0,0 +1,129 @@+---+team_owner_meta_data: "Product owner propedeuse"+name_owner_meta_data: "Michiel"+---++# Semester 2 BOKSA++## 1.2: Persoonlijk Leiderschap++### Professioneel gedrag++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| Afspraken & verantwoordelijkheid (a) | Je komt op tijd naar sprints en coaching, levert werk op volgens afspraken en neemt eigenaarschap voor je taken.<br>Je meldt knelpunten op tijd en zoekt actief naar oplossingen met je team. | Milestones<br>Definition of Done<br>Daily standup<br>Samenwerkingscontract |+| Communiceren over leren (b, c) | Je deelt wekelijks je voortgang, vragen en obstakels met coach en peers, mondeling of via het portfoliosysteem.<br>Je schrijft in correct en begrijpelijk Nederlands. | Voortgangsrapportage<br>Reflectiestructuren<br>Spellingsregels |+| Feedback ontvangen en verwerken (b, d) | Je vraagt gericht feedback, formuleert nieuwe leerdoelen en laat in vervolgtaken zien wat je hebt aangepast. | Feedup-feedback-feedforward<br>Emotieregulatie |++### Zelfregulatie++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| Studie plannen en monitoren (c) | Je maakt een week‑ of sprintplanning, monitort je voortgang en past je planning aan als deze niet haalbaar blijkt. | Leerdoelen<br>SMART<br>Sprintplanning<br>Studieomgeving<br>Dat zie je aan |+| Zelfmotivatie opbouwen & doorzetten (c, d) | Je maakt tegenslagen en motivatieproblemen bespreekbaar in je coaching. | Beloning strategieën<br>Interesse prikkeling<br>Studieomgeving & externe prikkels<br>Succesfactoren |+| Proactieve rol in leerproces (a, b, c, d) | Je initieert zelf coachinggesprekken en acties voor je leerproces, zonder dat een docent je hier steeds aan moet herinneren. | Eigenaarschap over leren<br>Leerstrategieën: plannen, monitoren en bijsturen<br>Cornell methode |++### Methodes++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| Leerdoelen formuleren (c, b, d) | Je formuleert eigen concrete leerdoelen per sprint met stappen en verwacht resultaat. | Leerdoelen<br>SMART<br>Actieplan |+| Informatie ordenen (c) | Je verdeelt je werk in deeltaken.<br>Je structureert leerinhoud door deze te groeperen, te visualiseren en verbanden te leggen. | Cornell methode<br>Mindmap<br>Chunking |+| Reflecteren (d) | Je reflecteert zelfstandig op je aanpak, keuzes en uitkomsten.<br>Je identificeert per leeruitkomst sterktes/zwaktes en koppelt deze aan concrete voorbeelden. | Reflectiemodel Korthagen<br>SWOT-analyse |+| GenAI & veiligheid (e, f) | Je gebruikt GenAI doelgericht en verantwoord, vergelijkt AI‑output kritisch met eigen werk en andere bronnen.<br>Je onderbouwt de bijdrage van GenAI aan je leerproces en resultaat.<br>Je benoemt expliciet hoe jij verantwoorde keuzes maakt over security aspecten. | Hallucinaties<br>Bias in AI-systemen<br>Plagiaatrisico<br>Onderwijs en toetsregels AI<br>Verifcatie van AI-Output<br>Beperkingen van GenAI<br>Cyber veiligheid principes<br>CIA & AAA Triad |++## 2.2: Analyseren & Adviseren++### Context en communicatie++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| Probleem verhelderen en risico's (a, d) | Je formuleert een scherpe probleemstelling met deelvragen en valideert deze bij de opdrachtgever.<br>Je onderscheidt feiten van aannames en benoemt expliciet wat je nog niet weet.<br>Je maakt in grote lijnen een risicoanalyse van het vraagstuk en kunt hierover adviseren. | Probleemstelling<br>Hoofdvraag en deelvragen<br>Feiten vs. aannames<br>Risicoanalyse in grote lijnen: dreiging, kwetsbaarheid, risico (kans × impact), voorbeeldmaatregelen |+| Stakeholders en belangen (a) | Je identificeert alle relevante stakeholders voor het vraagstuk.<br>Je analyseert de belangen van deze stakeholders in het project. | Stakeholder<br>Interne/externe stakeholder<br>Belangenafweging |+| Professioneel met stakeholders omgaan (b, f) | Je organiseert interviews en reviews met stakeholders, bereidt deze voor en volgt op wat is besproken.<br>Je verifieert bewust aannames met stakeholders en rapporteert afspraken en bevindingen gestructureerd terug. | Sprintreview<br>Gesprekrapportage<br>Feiten vs. aannames<br>LSD |+| Feedback & advies communiceren (f) | Je clustert en prioriteert feedback uit meerdere tests en verwerkt deze in iteraties van je productvoorstel.<br>Je verdedigt je voorstel klantgericht, mondeling in stakeholder‑reviews en schriftelijk in een gestructureerd advies, gericht op hoofdzaken. | Feedback clusteren<br>Feedback prioriteren<br>Adviesstructuur (probleem, analyse, opties, aanbeveling)<br>Adviesrapport<br>Hoofd- en bijzaken<br>Klantgericht handelen<br>Doelgroep |++### Kwaliteit++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| Methodisch onderzoek uitvoeren (c, e) | Je volgt een gegeven onderzoeksmethode en plant passende onderzoekstappen en tests.<br>Je documenteert tussentijdse stappen en resultaten, zodat je aanpak navolgbaar is voor anderen. | Onderzoeksopzet<br>Onderzoeksmethode<br>Onderzoeksdocumentatie<br>Stakeholderonderzoek<br>Steekproef<br>Gestructureerde tests<br>Guerillatest<br>Gebruikerstest<br>Systematisch vastleggen |+| Onderzoeksresultaten kritisch analyseren (c, d, e) | Je vergelijkt bronnen en testresultaten, signaleert inconsistenties en trekt gefundeerde conclusies.<br>Je maakt op basis van een eenvoudige risicoanalyse expliciete overwegingen rond cyberveiligheid en neemt deze mee in je advies. | Betrouwbaarheid en validiteit<br>Triangulatie<br>Inconsistenties signaleren<br>Gefundeerde conclusie<br>Skeptische houding<br>CIA & AAA triades<br>OWASP top ten<br>Security framework |+| Keuzes verantwoorden & feedback verwerken (d, e, f) | Je licht toe waarom je voor een bepaalde aanpak of oplossing kiest op basis van verzamelde data en een gegeven afwegingsmethode.<br>Je prioriteert feedback uit verschillende bronnen en rechtvaardigt welke inzichten je wel en niet toepast in je productvoorstel.<br>Je gebruikt een gegeven afwegingsmethode om een gevonden resultaat te onderbouwen.<br>Je prioriteert eisen met onderbouwing voor productvoorstel. | Afwegingscriteria / selectieparameters<br>Beslismatrix<br>Argumentatie opbouw uit data<br>Herleidbaarheid<br>Feedback bronnen<br>Feedback clusteren<br>Feedback keuze en onderbouwing<br>MoSCoW categorieën<br>Waarde, risico en haalbaarheid<br>Prioritering onderbouwen |++### Methodes++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| Interviewen & eisen ophalen (a, b, d) | Je bereidt interviews met stakeholders voor, voert ze uit met passende vragen en past vragen aan op basis van antwoorden.<br>Je verzamelt eisen via deze gesprekken en vertaalt ze naar heldere user stories met acceptatiecriteria, inclusief relevante wet‑ en regelgeving en cyberveiligheids‑best‑practices. | Interviewdoel en scope<br>Stakeholderselectie<br>Open vragen vs. gerichte vragen<br>LSD<br>Interviewnotulen<br>Interviewtranscriptie<br>Requirements onderzoek<br>User stories<br>Acceptatiecriteria<br>Functionele en niet‑functionele eisen<br>Wet AVG/GDPR<br>Wet CRA<br>Cybersecurity best‑practices |+| Bronnen zoeken en beoordelen (c, e) | Je vindt relevante bronnen en documentatie om het vraagstuk te onderzoeken.<br>Je onderbouwt waarom jouw gekozen bronnen betrouwbaar en bruikbaar zijn voor dit probleem. | (Vak)literatuur<br>Documentatie<br>Betrouwbare bronnen<br>CRAAP‑methode<br>Bias<br>Feit, mening en interpretatie<br>Sceptische houding |+| Bronnen volgens standaard noemen (c) | Je citeert alle bronnen consistent met APA.<br>Je gebruikt de correcte APA-notatie die hoort bij de geciteerde bron. | APA stijl<br>Verschillende brontypes<br>Consistente notatie |+| LSD‑gesprekstechniek (b) | Je vat gesprekken in eigen woorden samen, vraagt door bij onduidelijkheden en bevestigt actief of je de stakeholder goed hebt begrepen. | Actief luisteren<br>LSD<br>Verduidelijkende vragen<br>Verdiepende vragen |+| GenAI in onderzoek (e) | Je benoemt wanneer en hoe je GenAI gebruikt voor onderzoek en analyseert de betrouwbaarheid en bijdrage kritisch.<br>Je weegt GenAI-output af tegen eigen bevindingen en rechtvaardigt je definitieve keuzes. | LLM<br>Genereren<br>Contextvenster<br>Dataveiligheid<br>Hallucinaties<br>Bias<br>Beperkingen GenAI<br>Verificatie van AI-output<br>Eigenaarschap bij GenAI gebruik<br>Verantwoord AI-gebruik |++## 3.2: Ontwerpen & Realiseren++### Maken++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| Client-server principes (a, c, f) | Je bouwt een oplossing met client‑servercommunicatie en past HTTPS correct toe in de server.<br>Je implementeert een eenvoudige maar veilige identificatie‑ en autorisatiestructuur in je applicatie. | Client-servermodel<br>API-endpoint<br>Frontend vs. backend<br>Server vs. client<br>HTTP/HTTPS-protocol<br>TLS/HTTPS configuratie<br>Authenticatie<br>Authorisatie<br>Token gebaseerde login<br>Sessie gebaseerde login |+| Programmeren (OOP basis) (a, b) | Je past OOP-pijlers toe (encapsulatie, inheritance) in je code.<br>Je gebruikt gegeven libraries en API's correct in je oplossing. | OOP basis: Class, object, attribuut/veld, methode/functie, encapsulatie en overerving<br>Libraries, packages en imports<br>API-documentatie<br>Dependency beheer |+| Database basiskennis (a) | Je schrijft SQL‑queries om data op te halen en te bewerken.<br>Je bevraagt meerdere tabellen tegelijk met JOINs en past filters toe. | Relationeel datamodel<br>CRUD-operaties<br>WHERE-clause<br>JOINS<br>Basiskennis normalisatie<br>Redundantie<br>ACID |+| Ontwikkelen, debuggen en opleveren (b,f) | Je configureert IDE/tools voor ontwikkeling en samenwerking, en gebruikt deze consequent.<br>Je debugt zelfstandig issues en levert een werkend product met meerdere functionaliteiten volgens de Definition of Done en acceptatiecriteria. | Fouttypes<br>Debugger<br>Stack trace<br>Logging informatie<br>Systematisch debuggen<br>IDE/editor<br>Package managers<br>Tools bouwen en runnen<br>Versiebeheer<br>Plug-ins<br>Software Development Life Cycle (SDLC)<br>Definition of Done<br>Acceptatiecriteria<br>Gebruikerstesten |++### Product ontwerpen++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| User stories opstellen (d) | Je stelt user stories op met een relevante actor, wens en onderbouwing.<br>Je maakt user stories die binnen enkele dagen te realiseren zijn en voorziet ze van heldere acceptatiecriteria, inclusief unhappy flow en edge cases. | Structuur van een user story<br>Actor<br>Functioneel vs. niet-functioneel<br>Epic vs. User story<br>Acceptatiecriteria<br>Happy flow, unhappy flow en edge cases |+| Iteratief ontwerpen & Gebruiker centraal (d, f) | Je voert meerdere TMC-cycli met prototype en product.<br>Je ontwerpt UI/UX met wireframes gebaseerd op onderzoek.<br>Je documenteert verbeteringen in de user stories. | Think‑Make‑Check (TMC‑proces)<br>User stories<br>Issue activity tracker<br>User-centered design<br>Wireframes<br>Wireflow<br>Interactieontwerp<br>Navigatie<br>Gebruikerstesten |+| Ethiek meenemen (d, f) | Je identificeert relevante ethische risico's (zoals privacy, datamisbruik of discriminatie).<br>Je laat in ontwerp en user stories zien hoe je met deze risico's rekening houdt. | Privacy<br>Datamisbruik<br>Discriminatie<br>Manipulatie<br>Inclusie en toegankelijkheid<br>Transparantie<br>Relevante richtlijnen |++### Technisch ontwerpen++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| Systeemstructuur maken (c) | Je ontwerpt een schaalbare structuur met client‑server‑ en datalagen.<br>Je licht toe hoe de verschillende lagen en componenten met elkaar samenwerken. | Client-serverarchitectuur<br>Layered architecture |+| Modelleren toepassen (c) | Je maakt complete UML/ERD voor complexe oplossing.<br>Je visualiseert de relaties tussen entiteiten correct en omschrijft deze. | UML-classdiagram<br>Klassen, associaties, multipliciteit aggregatie/compositie<br>ERD-diagram<br>Entiteiten, attributen, relaties, kardinaliteit, optioneel/verplicht<br>Conceptueel model<br>Logisch/technisch model |+| Secure by Design (c, f) | Je past basisprincipes van informatiebeveiliging (CIA/AAA, OWASP‑basics) toe in je ontwerp.<br>Je ontwerpt een eenvoudige maar effectieve identificatie‑ en autorisatiestructuur en onderbouwt je keuzes. | Basisprincipes informatiebeveiliging[^2]: CIA‑triade (Confidentiality, Integrity, Availability)<br>Secure-by-Design<br>Privacy-by-Design<br>Inputvalidatie: waarom gebruikersinvoer gecontroleerd moet worden; voorbeelden van onveilige input (SQL‑injectie, XSS conceptueel niveau<br>Toegangsbeveiliging: verschil tussen authenticatie en autorisatie, rollen en rechten |++### AI gebruiken++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| AI-assisted coding en brainstorming (e, f) | Je gebruikt AI voor codegeneratie en ideeën en controleert kritisch de gegeven output.<br>Je gebruikt AI-prompts gebaseerd op product specificaties en documenteert aanpassingen.<br>Je past AI‑output aan zodat deze voldoet aan de eisen en legt je AI‑gebruik vast in documentatie of portfolio.<br>Je begrijpt de basis van hoe LLM's werken en houdt hier rekening mee tijdens het gebruik. | Basiswerking LLM<br>Hallucinaties<br>Bias<br>Brongeneratie<br>Eigenaarschap leerproces<br>Kritische houding t.o.v. AI<br>Verantwoord AI-gebruik<br>Prompt engineering<br>Contextvenster<br>Requirement engineering<br>Prompt-acceptatiecriteria<br>Afstemming niet-functionele eisen<br>Documentatie AI-gebruik<br>AI-output controleren |+| Veilig ontwikkelen met AI (e, f) | Je voorkomt dat je gevoelige gegevens in AI‑prompts stopt en past dataminimalisatie toe.<br>Je past security principes toe bij het selecteren van AI-output. | Dataveiligheid<br>Data-minimalisatie<br>Security principes bij GenAI<br>Prompt-injection<br>Shadow-AI |++## 4.2: Managen & Samenwerken++### Intern (versiebeheer)++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| Git gebruiken & samenwerken (a, e) | Je werkt met branches en merge requests en lost merge‑conflicten zelfstandig op.<br>Je schrijft korte, duidelijke commit‑berichten en gebruikt Git om werk van teamgenoten te controleren tegen afgesproken kwaliteitseisen. | Git-branching<br>Main-branche<br>Feature-branche<br>Merge request<br>Merge-conflict<br>Commit message |+| CI/CD & product uitrollen (b, f) | Je richt een eenvoudige CI/CD‑pipeline in met automatische build‑ of teststappen.<br>Je rolt een werkend product uit naar een test‑ of live‑omgeving en kunt een rollback uitvoeren als er problemen zijn. | Continuous Integration<br>Continuous Deployment<br>Pipeline<br>Trigger<br>CI/CD‑omgevingen<br>Artefact<br>Smoke test<br>Rollback<br>FTP‑protocol<br>SSH‑protocol |++### Professioneel samenwerken++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| Werk verdelen (d) | Je coördineert de taakverdeling in het team en bewaakt een haalbare balans in werklast.<br>Je communiceert je capaciteit en prioriteiten duidelijk naar je team en P.O. | Taakverdeling<br>Teamrollen<br>Competenties<br>Prioriteiten stellen<br>Samenwerkingsafspraken<br>Samenwerkingscontract |+| Feedback geven & Conflicten uitspreken (d, e) | Je benoemt spanningen of conflicten in het team op een respectvolle manier.<br>Je zoekt actief naar een gezamenlijke oplossing en maakt afspraken over vervolgstappen.<br>Je geeft concrete, constructieve feedback op gedrag en werk van teamgenoten.<br>Je verwerkt ontvangen feedback zichtbaar in je eigen aanpak of werk. | Constructieve feedback<br>Feedbackmodel<br>LSD<br>Feedback acties<br>Samenwerkingscontract<br>Beslisproces<br>Conflict resolutie |+| Ethiek bespreken (e) | Je bespreekt ethische impact van keuzes met team en P.O.<br>Je reflecteert op je eigen verantwoordelijkheid als ICT‑professional binnen het team en benoemt belangen en waarden van stakeholders. | Privacy<br>Bias<br>Manipulatieve patronen<br>Inclusie<br>Ethische impact<br>Belangen en waarden stakeholders |++### Kwaliteitsbesef++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| Werk controleren (e, f) | Je controleert eigen werk en teamwerk kritisch aan de hand van de Definition of Done en acceptatiecriteria.<br>Je keurt werk dat niet aan de projectstandaard voldoet af en koppelt dit terug met concrete verbeterpunten. | Definition of Done<br>Acceptatiecriteria<br>Coding coventions<br>Code review<br>Merge request<br>Issue activitytracker |+| Schoon opleveren (f) | Je zorgt dat code voldoet aan afgesproken kwaliteitschecks en tooling (linting, formattering, tests) voordat je oplevert.<br>Je levert elke sprint een schoon, werkend product op met een duidelijke projectstructuur en basisdocumentatie. | Linting<br>Formatting<br>Naming conventions<br>Veelvoorkomende bugs<br>Project structuur<br>Project documentatie<br>DoD-check<br>Testing |++### Projectmethode++| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |+| --- | --- | --- |+| SCRUM‑events toepassen (c, d) | Je leidt of faciliteert SCRUM‑events zoals stand‑ups, reviews en retrospectives.<br>Je brengt voortgang, blockers en verbeterideeën in en betrekt het team bij beslissingen. | Scrum events<br>Retrospective toolbox<br>Bijeenkomst agenda<br>Timeboxing<br>Voortgangsrapportage<br>Blockers/impediments<br>Verbeterideeën |+| Project beheren (c, d) | Je beheert de projectomgeving (bijvoorbeeld GitLab‑issues, labels, boards en milestones) en houdt het sprintboard tijdens je werk actueel.<br>Je signaleert problemen in planning of voortgang en bespreekt deze met team en Product Owner. | Issues, labels, boards, milestones/sprints en epics<br>Issue status<br>Product backlog<br>Sprint backlog<br>MoSCoW |+| User stories gebruiken (c) | Je gebruikt user stories met acceptatiecriteria om werk te plannen en bij te houden tijdens je sprint.<br>Je past user stories en acceptatiecriteria aan op basis van feedback en nieuwe inzichten. | User story<br>Acceptatiecriteria<br>Happy en unhappy flow<br>Backlog refinement |+
@@ -1,129 +0,0 @@-team_owner_meta_data: "Product owner propedeuse"-name_owner_meta_data: "Michiel"--# Semester 2 BOKSA--## 1.2: Persoonlijk Leiderschap--### Professioneel gedrag--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| Afspraken & verantwoordelijkheid (a) | Je komt op tijd naar sprints en coaching, levert werk op volgens afspraken en neemt eigenaarschap voor je taken.<br>Je meldt knelpunten op tijd en zoekt actief naar oplossingen met je team. | Milestones<br>Definition of Done<br>Daily standup<br>Samenwerkingscontract |-| Communiceren over leren (b, c) | Je deelt wekelijks je voortgang, vragen en obstakels met coach en peers, mondeling of via het portfoliosysteem.<br>Je schrijft in correct en begrijpelijk Nederlands. | Voortgangsrapportage<br>Reflectiestructuren<br>Spellingsregels |-| Feedback ontvangen en verwerken (b, d) | Je vraagt gericht feedback, formuleert nieuwe leerdoelen en laat in vervolgtaken zien wat je hebt aangepast. | Feedup-feedback-feedforward<br>Emotieregulatie |--### Zelfregulatie--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| Studie plannen en monitoren (c) | Je maakt een week‑ of sprintplanning, monitort je voortgang en past je planning aan als deze niet haalbaar blijkt. | Leerdoelen<br>SMART<br>Sprintplanning<br>Studieomgeving<br>Dat zie je aan |-| Zelfmotivatie opbouwen & doorzetten (c, d) | Je maakt tegenslagen en motivatieproblemen bespreekbaar in je coaching. | Beloning strategieën<br>Interesse prikkeling<br>Studieomgeving & externe prikkels<br>Succesfactoren |-| Proactieve rol in leerproces (a, b, c, d) | Je initieert zelf coachinggesprekken en acties voor je leerproces, zonder dat een docent je hier steeds aan moet herinneren. | Eigenaarschap over leren<br>Leerstrategieën: plannen, monitoren en bijsturen<br>Cornell methode |--### Methodes--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| Leerdoelen formuleren (c, b, d) | Je formuleert eigen concrete leerdoelen per sprint met stappen en verwacht resultaat. | Leerdoelen<br>SMART<br>Actieplan |-| Informatie ordenen (c) | Je verdeelt je werk in deeltaken.<br>Je structureert leerinhoud door deze te groeperen, te visualiseren en verbanden te leggen. | Cornell methode<br>Mindmap<br>Chunking |-| Reflecteren (d) | Je reflecteert zelfstandig op je aanpak, keuzes en uitkomsten.<br>Je identificeert per leeruitkomst sterktes/zwaktes en koppelt deze aan concrete voorbeelden. | Reflectiemodel Korthagen<br>SWOT-analyse |-| GenAI & veiligheid (e, f) | Je gebruikt GenAI doelgericht en verantwoord, vergelijkt AI‑output kritisch met eigen werk en andere bronnen.<br>Je onderbouwt de bijdrage van GenAI aan je leerproces en resultaat.<br>Je benoemt expliciet hoe jij verantwoorde keuzes maakt over security aspecten. | Hallucinaties<br>Bias in AI-systemen<br>Plagiaatrisico<br>Onderwijs en toetsregels AI<br>Verifcatie van AI-Output<br>Beperkingen van GenAI<br>Cyber veiligheid principes<br>CIA & AAA Triad |--## 2.2: Analyseren & Adviseren--### Context en communicatie--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| Probleem verhelderen en risico's (a, d) | Je formuleert een scherpe probleemstelling met deelvragen en valideert deze bij de opdrachtgever.<br>Je onderscheidt feiten van aannames en benoemt expliciet wat je nog niet weet.<br>Je maakt in grote lijnen een risicoanalyse van het vraagstuk en kunt hierover adviseren. | Probleemstelling<br>Hoofdvraag en deelvragen<br>Feiten vs. aannames<br>Risicoanalyse in grote lijnen: dreiging, kwetsbaarheid, risico (kans × impact), voorbeeldmaatregelen |-| Stakeholders en belangen (a) | Je identificeert alle relevante stakeholders voor het vraagstuk.<br>Je analyseert de belangen van deze stakeholders in het project. | Stakeholder<br>Interne/externe stakeholder<br>Belangenafweging |-| Professioneel met stakeholders omgaan (b, f) | Je organiseert interviews en reviews met stakeholders, bereidt deze voor en volgt op wat is besproken.<br>Je verifieert bewust aannames met stakeholders en rapporteert afspraken en bevindingen gestructureerd terug. | Sprintreview<br>Gesprekrapportage<br>Feiten vs. aannames<br>LSD |-| Feedback & advies communiceren (f) | Je clustert en prioriteert feedback uit meerdere tests en verwerkt deze in iteraties van je productvoorstel.<br>Je verdedigt je voorstel klantgericht, mondeling in stakeholder‑reviews en schriftelijk in een gestructureerd advies, gericht op hoofdzaken. | Feedback clusteren<br>Feedback prioriteren<br>Adviesstructuur (probleem, analyse, opties, aanbeveling)<br>Adviesrapport<br>Hoofd- en bijzaken<br>Klantgericht handelen<br>Doelgroep |--### Kwaliteit--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| Methodisch onderzoek uitvoeren (c, e) | Je volgt een gegeven onderzoeksmethode en plant passende onderzoekstappen en tests.<br>Je documenteert tussentijdse stappen en resultaten, zodat je aanpak navolgbaar is voor anderen. | Onderzoeksopzet<br>Onderzoeksmethode<br>Onderzoeksdocumentatie<br>Stakeholderonderzoek<br>Steekproef<br>Gestructureerde tests<br>Guerillatest<br>Gebruikerstest<br>Systematisch vastleggen |-| Onderzoeksresultaten kritisch analyseren (c, d, e) | Je vergelijkt bronnen en testresultaten, signaleert inconsistenties en trekt gefundeerde conclusies.<br>Je maakt op basis van een eenvoudige risicoanalyse expliciete overwegingen rond cyberveiligheid en neemt deze mee in je advies. | Betrouwbaarheid en validiteit<br>Triangulatie<br>Inconsistenties signaleren<br>Gefundeerde conclusie<br>Skeptische houding<br>CIA & AAA triades<br>OWASP top ten<br>Security framework |-| Keuzes verantwoorden & feedback verwerken (d, e, f) | Je licht toe waarom je voor een bepaalde aanpak of oplossing kiest op basis van verzamelde data en een gegeven afwegingsmethode.<br>Je prioriteert feedback uit verschillende bronnen en rechtvaardigt welke inzichten je wel en niet toepast in je productvoorstel.<br>Je gebruikt een gegeven afwegingsmethode om een gevonden resultaat te onderbouwen.<br>Je prioriteert eisen met onderbouwing voor productvoorstel. | Afwegingscriteria / selectieparameters<br>Beslismatrix<br>Argumentatie opbouw uit data<br>Herleidbaarheid<br>Feedback bronnen<br>Feedback clusteren<br>Feedback keuze en onderbouwing<br>MoSCoW categorieën<br>Waarde, risico en haalbaarheid<br>Prioritering onderbouwen |--### Methodes--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| Interviewen & eisen ophalen (a, b, d) | Je bereidt interviews met stakeholders voor, voert ze uit met passende vragen en past vragen aan op basis van antwoorden.<br>Je verzamelt eisen via deze gesprekken en vertaalt ze naar heldere user stories met acceptatiecriteria, inclusief relevante wet‑ en regelgeving en cyberveiligheids‑best‑practices. | Interviewdoel en scope<br>Stakeholderselectie<br>Open vragen vs. gerichte vragen<br>LSD<br>Interviewnotulen<br>Interviewtranscriptie<br>Requirements onderzoek<br>User stories<br>Acceptatiecriteria<br>Functionele en niet‑functionele eisen<br>Wet AVG/GDPR<br>Wet CRA<br>Cybersecurity best‑practices |-| Bronnen zoeken en beoordelen (c, e) | Je vindt relevante bronnen en documentatie om het vraagstuk te onderzoeken.<br>Je onderbouwt waarom jouw gekozen bronnen betrouwbaar en bruikbaar zijn voor dit probleem. | (Vak)literatuur<br>Documentatie<br>Betrouwbare bronnen<br>CRAAP‑methode<br>Bias<br>Feit, mening en interpretatie<br>Sceptische houding |-| Bronnen volgens standaard noemen (c) | Je citeert alle bronnen consistent met APA.<br>Je gebruikt de correcte APA-notatie die hoort bij de geciteerde bron. | APA stijl<br>Verschillende brontypes<br>Consistente notatie |-| LSD‑gesprekstechniek (b) | Je vat gesprekken in eigen woorden samen, vraagt door bij onduidelijkheden en bevestigt actief of je de stakeholder goed hebt begrepen. | Actief luisteren<br>LSD<br>Verduidelijkende vragen<br>Verdiepende vragen |-| GenAI in onderzoek (e) | Je benoemt wanneer en hoe je GenAI gebruikt voor onderzoek en analyseert de betrouwbaarheid en bijdrage kritisch.<br>Je weegt GenAI-output af tegen eigen bevindingen en rechtvaardigt je definitieve keuzes. | LLM<br>Genereren<br>Contextvenster<br>Dataveiligheid<br>Hallucinaties<br>Bias<br>Beperkingen GenAI<br>Verificatie van AI-output<br>Eigenaarschap bij GenAI gebruik<br>Verantwoord AI-gebruik |--## 3.2: Ontwerpen & Realiseren--### Maken--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| Client-server principes (a, c, f) | Je bouwt een oplossing met client‑servercommunicatie en past HTTPS correct toe in de server.<br>Je implementeert een eenvoudige maar veilige identificatie‑ en autorisatiestructuur in je applicatie. | Client-servermodel<br>API-endpoint<br>Frontend vs. backend<br>Server vs. client<br>HTTP/HTTPS-protocol<br>TLS/HTTPS configuratie<br>Authenticatie<br>Authorisatie<br>Token gebaseerde login<br>Sessie gebaseerde login |-| Programmeren (OOP basis) (a, b) | Je past OOP-pijlers toe (encapsulatie, inheritance) in je code.<br>Je gebruikt gegeven libraries en API's correct in je oplossing. | OOP basis: Class, object, attribuut/veld, methode/functie, encapsulatie en overerving<br>Libraries, packages en imports<br>API-documentatie<br>Dependency beheer |-| Database basiskennis (a) | Je schrijft SQL‑queries om data op te halen en te bewerken.<br>Je bevraagt meerdere tabellen tegelijk met JOINs en past filters toe. | Relationeel datamodel<br>CRUD-operaties<br>WHERE-clause<br>JOINS<br>Basiskennis normalisatie<br>Redundantie<br>ACID |-| Ontwikkelen, debuggen en opleveren (b,f) | Je configureert IDE/tools voor ontwikkeling en samenwerking, en gebruikt deze consequent.<br>Je debugt zelfstandig issues en levert een werkend product met meerdere functionaliteiten volgens de Definition of Done en acceptatiecriteria. | Fouttypes<br>Debugger<br>Stack trace<br>Logging informatie<br>Systematisch debuggen<br>IDE/editor<br>Package managers<br>Tools bouwen en runnen<br>Versiebeheer<br>Plug-ins<br>Software Development Life Cycle (SDLC)<br>Definition of Done<br>Acceptatiecriteria<br>Gebruikerstesten |--### Product ontwerpen--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| User stories opstellen (d) | Je stelt user stories op met een relevante actor, wens en onderbouwing.<br>Je maakt user stories die binnen enkele dagen te realiseren zijn en voorziet ze van heldere acceptatiecriteria, inclusief unhappy flow en edge cases. | Structuur van een user story<br>Actor<br>Functioneel vs. niet-functioneel<br>Epic vs. User story<br>Acceptatiecriteria<br>Happy flow, unhappy flow en edge cases |-| Iteratief ontwerpen & Gebruiker centraal (d, f) | Je voert meerdere TMC-cycli met prototype en product.<br>Je ontwerpt UI/UX met wireframes gebaseerd op onderzoek.<br>Je documenteert verbeteringen in de user stories. | Think‑Make‑Check (TMC‑proces)<br>User stories<br>Issue activity tracker<br>User-centered design<br>Wireframes<br>Wireflow<br>Interactieontwerp<br>Navigatie<br>Gebruikerstesten |-| Ethiek meenemen (d, f) | Je identificeert relevante ethische risico's (zoals privacy, datamisbruik of discriminatie).<br>Je laat in ontwerp en user stories zien hoe je met deze risico's rekening houdt. | Privacy<br>Datamisbruik<br>Discriminatie<br>Manipulatie<br>Inclusie en toegankelijkheid<br>Transparantie<br>Relevante richtlijnen |--### Technisch ontwerpen--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| Systeemstructuur maken (c) | Je ontwerpt een schaalbare structuur met client‑server‑ en datalagen.<br>Je licht toe hoe de verschillende lagen en componenten met elkaar samenwerken. | Client-serverarchitectuur<br>Layered architecture |-| Modelleren toepassen (c) | Je maakt complete UML/ERD voor complexe oplossing.<br>Je visualiseert de relaties tussen entiteiten correct en omschrijft deze. | UML-classdiagram<br>Klassen, associaties, multipliciteit aggregatie/compositie<br>ERD-diagram<br>Entiteiten, attributen, relaties, kardinaliteit, optioneel/verplicht<br>Conceptueel model<br>Logisch/technisch model |-| Secure by Design (c, f) | Je past basisprincipes van informatiebeveiliging (CIA/AAA, OWASP‑basics) toe in je ontwerp.<br>Je ontwerpt een eenvoudige maar effectieve identificatie‑ en autorisatiestructuur en onderbouwt je keuzes. | Basisprincipes informatiebeveiliging[^2]: CIA‑triade (Confidentiality, Integrity, Availability)<br>Secure-by-Design<br>Privacy-by-Design<br>Inputvalidatie: waarom gebruikersinvoer gecontroleerd moet worden; voorbeelden van onveilige input (SQL‑injectie, XSS conceptueel niveau<br>Toegangsbeveiliging: verschil tussen authenticatie en autorisatie, rollen en rechten |--### AI gebruiken--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| AI-assisted coding en brainstorming (e, f) | Je gebruikt AI voor codegeneratie en ideeën en controleert kritisch de gegeven output.<br>Je gebruikt AI-prompts gebaseerd op product specificaties en documenteert aanpassingen.<br>Je past AI‑output aan zodat deze voldoet aan de eisen en legt je AI‑gebruik vast in documentatie of portfolio.<br>Je begrijpt de basis van hoe LLM's werken en houdt hier rekening mee tijdens het gebruik. | Basiswerking LLM<br>Hallucinaties<br>Bias<br>Brongeneratie<br>Eigenaarschap leerproces<br>Kritische houding t.o.v. AI<br>Verantwoord AI-gebruik<br>Prompt engineering<br>Contextvenster<br>Requirement engineering<br>Prompt-acceptatiecriteria<br>Afstemming niet-functionele eisen<br>Documentatie AI-gebruik<br>AI-output controleren |-| Veilig ontwikkelen met AI (e, f) | Je voorkomt dat je gevoelige gegevens in AI‑prompts stopt en past dataminimalisatie toe.<br>Je past security principes toe bij het selecteren van AI-output. | Dataveiligheid<br>Data-minimalisatie<br>Security principes bij GenAI<br>Prompt-injection<br>Shadow-AI |--## 4.2: Managen & Samenwerken--### Intern (versiebeheer)--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| Git gebruiken & samenwerken (a, e) | Je werkt met branches en merge requests en lost merge‑conflicten zelfstandig op.<br>Je schrijft korte, duidelijke commit‑berichten en gebruikt Git om werk van teamgenoten te controleren tegen afgesproken kwaliteitseisen. | Git-branching<br>Main-branche<br>Feature-branche<br>Merge request<br>Merge-conflict<br>Commit message |-| CI/CD & product uitrollen (b, f) | Je richt een eenvoudige CI/CD‑pipeline in met automatische build‑ of teststappen.<br>Je rolt een werkend product uit naar een test‑ of live‑omgeving en kunt een rollback uitvoeren als er problemen zijn. | Continuous Integration<br>Continuous Deployment<br>Pipeline<br>Trigger<br>CI/CD‑omgevingen<br>Artefact<br>Smoke test<br>Rollback<br>FTP‑protocol<br>SSH‑protocol |--### Professioneel samenwerken--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| Werk verdelen (d) | Je coördineert de taakverdeling in het team en bewaakt een haalbare balans in werklast.<br>Je communiceert je capaciteit en prioriteiten duidelijk naar je team en P.O. | Taakverdeling<br>Teamrollen<br>Competenties<br>Prioriteiten stellen<br>Samenwerkingsafspraken<br>Samenwerkingscontract |-| Feedback geven & Conflicten uitspreken (d, e) | Je benoemt spanningen of conflicten in het team op een respectvolle manier.<br>Je zoekt actief naar een gezamenlijke oplossing en maakt afspraken over vervolgstappen.<br>Je geeft concrete, constructieve feedback op gedrag en werk van teamgenoten.<br>Je verwerkt ontvangen feedback zichtbaar in je eigen aanpak of werk. | Constructieve feedback<br>Feedbackmodel<br>LSD<br>Feedback acties<br>Samenwerkingscontract<br>Beslisproces<br>Conflict resolutie |-| Ethiek bespreken (e) | Je bespreekt ethische impact van keuzes met team en P.O.<br>Je reflecteert op je eigen verantwoordelijkheid als ICT‑professional binnen het team en benoemt belangen en waarden van stakeholders. | Privacy<br>Bias<br>Manipulatieve patronen<br>Inclusie<br>Ethische impact<br>Belangen en waarden stakeholders |--### Kwaliteitsbesef--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| Werk controleren (e, f) | Je controleert eigen werk en teamwerk kritisch aan de hand van de Definition of Done en acceptatiecriteria.<br>Je keurt werk dat niet aan de projectstandaard voldoet af en koppelt dit terug met concrete verbeterpunten. | Definition of Done<br>Acceptatiecriteria<br>Coding coventions<br>Code review<br>Merge request<br>Issue activitytracker |-| Schoon opleveren (f) | Je zorgt dat code voldoet aan afgesproken kwaliteitschecks en tooling (linting, formattering, tests) voordat je oplevert.<br>Je levert elke sprint een schoon, werkend product op met een duidelijke projectstructuur en basisdocumentatie. | Linting<br>Formatting<br>Naming conventions<br>Veelvoorkomende bugs<br>Project structuur<br>Project documentatie<br>DoD-check<br>Testing |--### Projectmethode--| **Sub-onderdeel** | **Dat zie je aan** | **Domeinkennis** |-| --- | --- | --- |-| SCRUM‑events toepassen (c, d) | Je leidt of faciliteert SCRUM‑events zoals stand‑ups, reviews en retrospectives.<br>Je brengt voortgang, blockers en verbeterideeën in en betrekt het team bij beslissingen. | Scrum events<br>Retrospective toolbox<br>Bijeenkomst agenda<br>Timeboxing<br>Voortgangsrapportage<br>Blockers/impediments<br>Verbeterideeën |-| Project beheren (c, d) | Je beheert de projectomgeving (bijvoorbeeld GitLab‑issues, labels, boards en milestones) en houdt het sprintboard tijdens je werk actueel.<br>Je signaleert problemen in planning of voortgang en bespreekt deze met team en Product Owner. | Issues, labels, boards, milestones/sprints en epics<br>Issue status<br>Product backlog<br>Sprint backlog<br>MoSCoW |-| User stories gebruiken (c) | Je gebruikt user stories met acceptatiecriteria om werk te plannen en bij te houden tijdens je sprint.<br>Je past user stories en acceptatiecriteria aan op basis van feedback en nieuwe inzichten. | User story<br>Acceptatiecriteria<br>Happy en unhappy flow<br>Backlog refinement |-